Jasper Polane – Lege steden (De onzichtbare maalstroom 1)

Jasper Polane – Lege steden (De onzichtbare maalstroom 1)

Twee identieke steden, gelegen in parallelle werelden: een victoriaans aandoende stad, die in de gaten wordt gehouden door gedachtelezers, en een modernere versie, waar de bevolking de beschikking heeft over uitzonderlijke apparaten. Wetenschapper Werner Boren wordt ontvoerd en van de ene wereld naar de andere wereld gebracht om daar te werken aan de geavanceerde machines. Heike Krim, een jonge vrouw die bij de inquisitie werkt, probeert hem op te sporen. Dan ontdekt Werner een derde mysterieuze versie van de stad, die niet zo verlaten is als hij lijkt .

Jasper Polane - Lege steden
Serie: (De onzichtbare maalstroom #1)
Uitgever: Quasis
Jaartal: 2014
Bladzijden: 288
Genre: Science fiction & fantasy
Mijn mening:

 

Mijn samenvatting

De eerste keer dat Werner Boren de mannen zag, zaten ze onder de boom op het binnenplein van het universiteitsterrein. Werner gaf zijn college existentiële fysica voor het tweede jaar en kon de mannen vanuit zijn klaslokaal door het raam zien zitten. Twee mannen, allebei gekleed in eenzelfde donkerbruin pak met een bolhoed op, alsof het een uniform betrof, hun zwarte paraplu’s dichtgevouwen naast zich tegen het bankje. Het viel hem op dat de twee daar zaten, op het bankje waar normaal studenten zaten te wachten op het volgende lesuur, maar hij zocht er verder niets achter. Misschien hadden de mannen een afspraak met een van de lectoren van de universiteit, of met de decaan of directeur. (blz. 7)

Werner Boren werkt op de universiteit. Jaren geleden was hij een veelbelovende wetenschapper op het gebied van de ethermechanica. Een explosie in de stad, waar hij niets mee te maken had, was het einde van zijn carrière. Hij is in die tijd ondervraagd door de ESP’s, gedachtenlezers. Sinds die tijd geeft hij alleen maar les en heeft hij veel last van hoofdpijn.

Als Werner de beide mannen met de bolhoeden even later weer ziet besluit hij de universiteit te verlaten en naar huis te gaan. Onderweg naar huis wordt hij aangehoduen door ESP’s, gedachtenlezers. Ze willen hem ondervragen. Ze weten dat hij een briefje heeft gehad van een diabolist om die persoon te ontmoeten. Diabolisten worden door de regering als gevaarlijke mensen gezien, omdat ze tegen de regering zijn en er andere denkwijzen op nahouden. Ze willen dat hij als spion voor hen naar die afspraak gaat.

(…) Nee, ik wil een verbond met u sluiten.’ Hij nam het briefje van tafel en hield het theatraal omhoog. ‘U gaat vanavond naar het Keizerspark, zoals in dit briefje staat geschreven. Maar u werkt voor ons. U helpt ons met het inrekenen van de gevaarlijke diabolist die probeert contact met u te zoeken. In ruil daarvoor halen we u niet alleen van de zwarte lijst af, maar bieden u daarbij de functie aan van hoofd van de faculteit Existentiële Fysica. Met een goede mogelijkheid dat u leiding geeft aan de hele universiteit binnen, laten we zeggen, twee à drie jaar? Wat zou u daarop zeggen?
Werner zei niets maar dacht: Ik zou zeggen dat het te mooi klinkt om waar te zijn. Wat gebeurt er als ik weiger? Te laat bedacht hij dat de beide ESP’ers zijn gedachten zouden kunnen lezen. (blz. 24)

Werner gaat akkoord met dit voorstel. Zodra hij thuis is komt juffrouw Walraven, zijn buurvrouw, bij hem op bezoek. Zij blijkt de persoon te zijn waarmee Werner de afspraak heeft. Ze geeft een apparaat waardoor gedachtenlezers zijn emoties en gedachten moeilijker kunnen lezen en ze vluchten samen. Samen komen ze in een andere, parallelle, wereld terecht. Deze wereld lijkt op zijn eigen wereld, maar de mensen leven heel anders en hebben andere ideeën over de wereld. Hij ziet voor de eerste keer van zijn leven apparaten, zoals een automobiel, een automaton (robot).

De automobiel snelde als een zilvergrijze vuurpijl door Otrostaadt. De magi-abstracte motor trok een helder blauw spoor achter zich aan. Werner kijk vanaf de achterbank naar de voorbijtrekkende stad. Edison zat omgedraaid voorin, met haar knieen op de passagiersstoel, zodat ze met Werner kon praten. De mooie vrouw die hem na zijn duik had verwelkomd zat achter het stuur.
‘Zijn jullie in oorlog met… ons?’ vroeg Werner.
‘Zo goed als,’ zei Edison. ‘Onze regering noemt het een koude oorlog, een gewapende vrede. Er is geen gewapend conflict waarin legers tegen elkaar vechten, maar in plaats daarvan staan kleine groepen spionnen elkaar dagelijks naar het leven. Maar dat zijn maar woorden. Ik voel me soldaat genoeg.’
‘Waarom weet onze bevolking daar niets van?’
‘Dat weten jullie wel. De inquisitie noemt ons demonen, of de duivels van Tartarus. Ze pakken onze spionnen op als zijnde diabolisten die hun ziel aan de duivel hebben verkocht, of ze zeggen dat ze door demonen zijn bezeten. Onze samenleving is een stuk vrijer dan die van u en we denken over veel dingen zeer verschillend. ESP’ers pikken dat eenvoudig op.’ (blz. 51)

In deze wereld hebben ze Werner nodig. Er was een wetenschapper bezig met een onderzoek naar andere parallele werelden. Deze wetenschapper is dood en ze zoeken een vervanger.

‘Waarom ik?’ vroeg hij. ‘Er moet iemand zijn die geschikter is om hem te vervangen. Iemand van uw eigen wereld, met meer kennis van zaken dan ik? Kan niet veel beter een van uw eigen geleerden zijn plaats innemen?’
‘Wat deze man zo geniaal maakte was niet alleen zijn kennis,’ zei Ernest Pappel. ‘Kennis hebben we in de firma Alix genoeg. We hebben de afgelopen jaren de beste structurele ingenieurs op zijn positie gezet, maar zonder veel resultaat te boeken. De magi-abstractica heeft de afgelopen zeven jaar bijna stil gestaan. Nee, deze man had een bepaalde flexibele manier van denken en tegen de dingen aankijken. Door zijn onconventionele invalshoek kreeg hij onverwachte ideeen. Dat is wat we missen en dat is wat u ons hopelijk kunt geven.’
‘U vergist zich. Mijn laatste creatieve gedachte was vele jaren geleden.’ Toen Eva nog leefde, dacht hij.
‘U zult merken dat u veel met hem gemeen hebt,’ zei Moke. ‘U zou kunnen zeggen, hij was u. Een parallelle versie van uzelf. Deze briljante wetenschapper heette Werner Boren.’
Werner keek verbijsterd naar de mensen om hem heen, die allen verwachtingsvol naar hem keken. ‘Hoe is dit mogelijk?’ vroeg hij. ‘Heeft iedereen in Alpha een dubbelganger in deze wereld?’
‘Nee,’ zei Viola Jong. ‘U bent uniek.’ (blz. 70)

Ondertussen zijn ESP’s uit zijn eigen wereld op zoek naar Werner. Ze willen dat hij terug komt. Voor welke wereld zal Werner kiezen?


Mening over het boek

Het verhaal speelt zich af in twee parallelle werelden. Je kunt aan het lettertype zien in welke wereld je nu als lezer bent. Beide werelden hebben een eigen lettertype.

Ik vond het een verrassend boek. Beide werelden zijn heel verschillend. In de wereld waar Werner vandaan komt zijn er nauwelijks apparaten. De radio is nog nieuw en mensen verzamelen zich in groepjes om naar een hoorspel te luisteren. Er wordt nogal ouderwets naar vrouwen gekeken. Vrouwen zijn niet geschikt om te werken en hun belangrijkste doel is om te trouwen en kinderen te krijgen. De andere wereld is moderner. Ze hebben hier auto’s, maar ook robots en apparaten met kunstmatige intelligentie. Vrouwen mogen dezelfde dingen als mannen en er wordt niet raar op gekeken als een vrouw een man vraagt voor een afspraakje. De tegenstellingen zijn leuk uitgewerkt, alhoewel de vrouwonvriendelijkere zienswijze mij soms irriteerde. Maar het past wel bij de jaren-50-sfeer die in die wereld hangt…

Dit is het eerste deel van een trilogie en ik ben heel erg benieuwd hoe het verhaal verder zal gaan.

 

Dank je wel, Jasper, dat ik een recensie-exemplaar van je boek mocht ontvangen.

 

Samenvatting en boekomslag komen van de website van uitgeverij Quasis

Geef een reactie